RSR 1 haakt definitief af in promotiestrijd 3G

door Herbie, 12 maart 2018


Nog een klein strohalmpje boog zich afgelopen zaterdag in de richting van ons eerste team, om in het kielzog te kunnen blijven varen van de grote jongens van klasse 3G. Maar dan moest er in eigen huis wel gewonnen worden van de bezoekers uit Souburg. Op papier leek dat geen onmogelijke opgave, temeer daar top-invaller Plas eindelijk speelgerechtigd was bevonden door de CSDD (Commissie voor Startgelden, Declaraties en Dopingzonden; red.).

De wedstrijd kende al meteen een bijzondere start, en dan bedoel ik niet het gebruikelijke geharrewar over wie heeft er vandaag een goed idee waar we bord 1 zullen neerleggen. Nee, de bijzondere start betrof de snelle beslissing aan datzelfde bord 1, en dat nog wel in wat een titanenstrijd had moeten worden tussen "Achter de witte stukken, de RSR-kampioen van 1985 en de Schrik van Souburg, René Tiggelman!" en "achter de zwarte stukken, RSR-kampioen van 1991 en regerend Eeuwig Talent, Herbie!" Zo galmden althans deze denkbeeldige introducties voor de partij door mijn gedachten. Het is een beetje oude koeien uit de sloot halen, maar het moet toch altijd gezegd als René na jarenlange afwezigheid ons cluppie weer eens betreedt, hoe hij midden jaren 80 deel uitmaakte van de gevreesde jeugdafdeling met Spaan, Van der Plas, Brandenburg en misschien moeten we hier ook JP Chocomel Bogers noemen. Hoe zou de geschiedenis zijn gelopen als René toen niet verhuisd was naar dat verre Zeeland om daar 10 keer clubkampioen te worden, maar als hij was gebleven en had meegestreden in de roemruchte promotietocht naar de eerste klasse KNSB. Zaten we daar dan nog, hadden we dan wellicht zelfs de Meesterklasse bereikt?!

Maar goed, terug naar de partij. Die bereikte alvast geen meesterklasse, al kunnen we dat Herbie niet aanrekenen. Die speelde alert en nam vroeg in de opening een aantal goede psychologische beslissingen. René weigerde zich vervolgens te schikken in een mislukte opening en verdubbelde per zet de inzet, om uiteindelijk op zet 14 de zwischenzug voorgeschoteld te krijgen die hij gemist had. Dat bracht Herbie de dame en 2 zetten later het punt: 1-0.

Een klein ommetje ligt dan voor de hand, want anders wordt het een hele lange zit, en toen ik daarvan terugkwam zag ik tot mijn verbazing dat er een soort grootmeesterlijkheid leek te zijn ingedaald in het team. Maar liefst 3 remises waren in de tussentijd overeengekomen. Voor Lucas (5) was dat absoluut een verdienste: met zwart wist hij steeds de deur dicht te gooien voor wat anders een ongemakkelijk wit voordeeltje in het eindspel had kunnen worden: 1½-½. Ik vermoed dat Spaan (2) met wit minder tevreden was met zijn puntendeling. Zijn tegenstander leek aanmerkelijk beter thuis in de opening waarna er weinig meer te halen viel: 2-1. En ook Paul (6) speelde zijn opening min of meer voor het eerst en heeft geen verhalen ingeleverd over wilde gemiste kansen, dus we gaan ervan uit dat ook hier de vrede op een correcte manier is getekend: 2½-1½.

Met nog 4 borden te gaan leek de overwinning nu binnen handbereik. Rob (4) had in een bijna gelijk eindspel met paard en toren tegen paard en toren toch nét het actievere paard verkregen, en kon dat afwikkelen naar een paardeindspel met een pion meer. De overige drie zouden remise moeten kunnen houden, en er mocht dus zelfs onderweg nog wat misgaan.

Het ging niet mis bij Djeez (7). Naar eigen zeggen: "Hij was een keer optimistisch gestemd en ging goed van start. Maar een strategische blunder in het middenspel (terugnemen met verkeerde pion) bracht hem in grote problemen. Gelukkig vond wit de allerbeste voortzetting niet. Misschien was zelfs de slotstelling, waarin wit tandenknarsend akkoord ging met remise, ook nog wel gewonnen voor hem. Daar mag de computer nog even een paar dagen aan rekenen." Hoe dan ook: 3-2.

Het ging wel mis bij Wil (8). Hij was ergens een kwaliteit tegen een pion voorgekomen, maar in een stelling die hij onmogelijk kon winnen. Of hij dat toch geprobeerd heeft of dat de druk van zijn tegenstander te groot werd, dat heb ik niet gezien, maar toen er een 2e pion tegen de kwaliteit bij kwam, ging het verhaal als een nachtkaars uit: 3-3.

Dit was het moment dat Rob het reeds getelde punt op professionele en akelig doeltreffende wijze incasseerde: 4-3. Waardoor alles in handen kwam van Joost (3). Na slechts 2 minuten denktijd in de opening dacht ik echt dat hij heel goed stond, maar toch kwam hij in een eindspel terecht met een pion minder. Met allebei een toren en ongelijke lopers op het bord is dat een uiterst onaangenaam eindspel om te verdedigen, maar ik kon me urenlang niet voorstellen dat zijn tegenstander het punt daadwerkelijk zou verzilveren. Toch is dat wel wat de witspeler uiteindelijk zeer verdienstelijk deed: 4-4. Waardoor we moeten concluderen dat de winst ons in deze wedstrijd door de vingers is geglipt, en dat we ons mogen gaan beraden hoe we volgend seizoen de weg terug naar de top gaan vinden.
   RSR Ivoren Toren 1   2056 - Souburg               1995 4 - 4
1. Herbert van Buitenen 2147 - René Tiggelman        2193 1 - 0
2. Nathanaël Spaan      2102 - Henrik Westerweele    1991 ½ - ½
3. Joost van Rosmalen   2129 - Robin Bosters         2091 0 - 1
4. Rob van der Plas     2153 - Bert Henderikse       1927 1 - 0
5. Lucas Gortemaker     2002 - Jeroen Hekhuis        2107 ½ - ½
6. Paul Tromp           1995 - Roeland Alders        1933 ½ - ½
7. Jason Zondag         2028 - Corné Boogaard        1848 ½ - ½
8. Wil Sparreboom       1891 - Rogier van Gemert     1869 0 - 1